Impressie: Webinar over de EU Farm to Fork-strategie


Er namen bijna 70 mensen deel aan het Voedsel Anders webinar op 9 juli 2020 over de Europese voedselstrategie ‘Farm to Fork‘. Daaronder waren boeren, actieve burgers, beleidsmakers en mensen die werkzaam zijn bij maatschappelijke organisaties uit het hele land.  Een van de belangrijkste uitkomsten van het webinar was de wens van deelnemers om samen meer invloed uit te oefenen op het beleid. 

Eind mei presenteerde de Europese Commissie haar langverwachte voedselstrategie. Klik hier voor onze analyse. Daarin staan de beleidsvoornemens voor een integraal voedsel- en landbouwbeleid in Europa van ‘boer tot bord’, waarin gezond voedsel, landbouw en handelsbeleid samengaan. Het feit dat deze meerjarige strategie er nu ligt, is zeer positief en ook staan er belangrijke voornemens in. Maar in de praktijk is het beleid nog lang niet zo samenhangend.


Kijk hier het webinar terug.


Sociale krachten nodig


Veerle Slegers (van FoodUp/ Provincie Brabant en Voedsel Anders) trapte het webinar af. Zij gaf aan dat de Farm to Fork strategie een vooruitgang betekent op een aantal punten. Dat is bijvoorbeeld het geval voor het verminderen van pesticidengebruik, bodemvruchtbaarheid, het gebruik van antibiotica en het stimuleren van  het gebruik van plantaardige eiwitten en biologische landbouw. Tegelijkertijd gaat de Europese Commissie met haar  hoogtechnologische ‘oplossingen’ voorbij aan allang bestaande agroecologische kennis en mogelijkheden. De Commissie blijft inzetten op ‘veel energie en grondstoffen’ en het centreren van de macht. Voor een regionale voedselvoorziening en veerkrachtige systemen ontbreken concrete voorstellen.


Jan Douwe van der Ploeg
(Emeritus Hoogleraar Wageningen Universiteit) benoemde als zeer positief dat er nu een lange termijn-strategie op tafel ligt waarmee de “slag om duurzaamheid onttrekken wordt aan het politieke gekissebis”. Ook het losmaken van Europa van de eiwitafhankelijkheid (en daarmee het sojacomplex) is vooruitgang. Maar, stelde Van der Ploeg, de FtF strategie gaat voorbij aan de enorme diversiteit van de boerenstand. Partijen zoals de Farmers Defense Force, die nu het meest in de media te horen zijn, vertegenwoordigen met name een minderheid van boeren die gekoppeld zijn aan grootschalige, hoogtechnologische (precisie)landbouw. De meerderheid van de boeren is veranderingsbereid, zei Van der Ploeg, maar veel minder georganiseerd en dus minder zichtbaar in het publieke debat.

Industriële landbouw staat daarin tegenover boerenlandbouw, als het gaat om zaken als de  centraliteit van het familiebedrijf, de mate waarin landbouw gebaseerd is op levende natuur en biodiversiteit, transportbewegingen met vee en bijvoorbeeld arbeidsomstandigheden in groente- en fruitteelt (die soms lijkt op slavenarbeid). Temidden van deze diversiteit kun je niet uitgaan van 1 beleid, of 1 aanpak. En daar wringt de schoen. Want de boerenlandbouw wordt tot op zekere hoogte in de steek gelaten door het instrumentarium dat FtF biedt. Dit vraagt om meer samenwerking tussen boeren en wetenschappers in praktijkonderzoek.

Het beleid heeft bovendien sociale krachten nodig (zoals de boerenlandbouw en de voedselbeweging) die het vooruitduwen, die voorop lopen, om daadwerkelijk veranderingen aan te brengen. En daarvoor bestaat veel wil en elan, zoals ook bewegingen als Voedsel Anders in Nederland en Vlaanderen laten zien. “Dit is een drijfkracht die FtF heel erg nodig zal hebben de komende jaren”.


Weinig samenhang met landbouw- en handelsbeleid

Hans Wetzels (onderzoeksjournalist voor o.a. Follow the Money en de Groene Amsterdammer) vertelde dat de Farm to Fork-strategie tot stand is gekomen met de Europese directies Milieu en Gezondheid. Maar de directie Landbouw, die in het Europese krachtenveld als machtiger wordt beschouwd, heeft daarna helaas veel afgezwakt, mede door toedoen van de Europese boerenvertegenwoordiger Copa-Cogeca (waar onder andere LTO NL bij is aangesloten). Wetzels is voor een sturende rol van de Europese Commissie in het behalen van de F2F-doelen: “Afschuiven van verantwoordelijkheid naar de lidstaten zal ertoe leiden dat lidstaten zo weinig mogelijk gaan doen op het gebied van natuur- en milieumaatregelen, omdat ze hun concurrentiepositie op de interne markt niet in gevaar willen brengen. “

Guus Geurts (Platform ABC en Voedsel Anders) ging in op de samenhang tussen de F2F strategie, het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) van de EU en het Europese handelsbeleid:  “Het opnemen van ‘concurrentievermogen’ als doelstelling binnen zowel F2F als GLB, ondergraaft het behalen van de mooie F2F-doelstellingen, met name omdat dit boeren dwingt tot kostprijsverlaging.”  Met een radicaal ander handelsbeleid en slimme uitwerking van het GLB kunnen bruggen worden geslagen tussen boeren, maatschappelijke organisaties, vakbonden en midden- en kleinbedrijf, zei Geurts. Maar dan moeten politieke partijen wel het lef hebben om een coherent alternatief te presenteren en afscheid te nemen van de neoliberale dwaling van de afgelopen 28 jaar. Dit besef is in beeld binnen de F2F strategie, maar de strategie pakt het huidige handelsbeleid nog niet aan, laat oneerlijke concurrentie bestaan en gaat full speed door met het afsluiten van vrijhandelsdeals, zoals we kunnen zien in het EU-Mercosur-verdrag en CETA.

De huidige boerenprotesten zijn vooral het gevolg van het feit dat boeren de extra milieueisen niet terugzien in hun verkoopprijs, stelde Geurts. Te vaak wordt daarbij ‘vergeten’ dat de EU sinds 1992 de gegarandeerde, stabiele prijzen heeft ingeruild voor lage prijzen plus inkomenssubsidies. Opmerkelijk genoeg komen Joris Lohman en Hidde Boersma een dag later in de Volkskrant tot een vergelijkbare conclusie .


Samen naar een vervolg

In breakout rooms ontstonden veel gesprekken ontstonden over het versterken van deze sociale krachten. Een voorbeeld was de ‘Kring-loop’ die in januari werd gehouden. Minister Schouten van LNV toonde zich toen enthousiast over deze beweging, maar heeft daar verder geen vervolg aan gegeven.

Ook werd gesproken over de vraag wat we samen – als Voedsel Anders beweging – kunnen doen om te zorgen dat handels- en landbouwbeleid samenhangen met voedselbeleid. Er is veel animo om te komen tot een gezamenlijke agenda en aanpak, bijvoorbeeld door samen beleidsaanbevelingen te schrijven, het benutten van de Brusselse contacten van ondermeer Voedsel Anders Vlaanderen en SlowFood en gebruik te maken van de verschillende kanalen die we hebben op lokaal, provinciaal en nationaal niveau. Voedsel Anders kan daarbij de organisatie van onderop versterken en de inzichten delen die daar zijn opgedaan, ook in verkiezingstijd. Ook willen we samen regionaal blijven bouwen aan de ontwikkeling van levensvatbare alternatieve voedselsystemen, bijvoorbeeld via regiodeals, living labs en gebiedscoöperaties. 

De sfeer in dit webinar was er één van bruggen bouwen en samenwerking. Tussen boeren, MKB, vakbonden, wetenschappers, (provinciale) ambtenaren en NGO’s. Tussen consumenten/burgers en boeren. Er was veel begrip en men ging uit van positieve intenties in plaats van polarisatie. Dit enthousiasme voor samenwerking vraagt om een vervolg. Daarom zullen we als Voedsel Anders dit najaar een aantal gespreksmomenten organiseren om elkaar beter te leren kennen en gezamenlijke agenda’s op te stellen. Zodat we samen op alle fronten en in alle diversiteit de totstandkoming van een duurzaam en eerlijk landbouw en voedselsysteem kunnen versnellen.


Dit webinar was onderdeel van de nieuwe route naar de Voedsel Anders conferentie 2020. Hou deze website, Facebook en Twitter in de gaten voor de komende activiteiten en schrijf je rechts op de website vooral ook in voor onze nieuwsbrief.